Wat is vakantie in het Nederlands?
Wat is vakantie in het Nederlands?. Online Nederlandstalig woordenboek. Wikilanguages.net is een gratis online woordenboek voor de Nederlandse taal. Dit is een professioneel en up-to-date woordenboek geschreven door ervaren woordenboekmakers.
Wat is vakantie in het Nederlands? - Nederlands woordenboek
|
vakantie |
vakantie - Nederlands woordenboek
vakantie
vakantie - zelfstandig naamwoord
uitspraak: va-kan-sie
1. periode waarinjevrij hebt van schoolof werk
♢ in de vakantie zwem ik elke dag
1. op vakantie gaan
[naar een andere plaats gaan als je vrij hebt]
2. vakantie nemen
[vrije dagen opnemen]
Zelfstandig naamwoord: va-kan-sie
de vakantie
de vakanties
het vakantietje
Tegenstellingen
arbeid, dienst, werk
Andere woordenschat
vaag, vaak, vaardigheid, vaart, vaas, vaat, vader, vak, vakantie, val, vallen, vals, van, vanaf, vanavond, vandaag, vandaan, vandaar, vandalisme, vangen, vanmiddag, vanmorgen, vannacht, vanuit, vanwege, vanzelf, vanzelfsprekend, varen, varken, vast, aan, aanbieden, aanbranden, aandacht, aandoen, aandrijven, aangeven, aangezien, aanhouden, aankijken, aankleden, aankomen, aankoop, aanleg, aanleiding, aannemen, aanpakken, aanpassen, aanraken, aanranden, aanrijding, aansnijden, aansteken, aantal, aantonen, aantrekken, aanvaarden, aanvallen, aanvankelijk, aanvoerder
Woordenboeken
Nederlands Woordenboek
Het Nederlands is een West-Germaanse taal, de meest gebruikte taal in Nederland en België, de officiële taal van Suriname en een van de drie officiële talen van België. Binnen het Koninkrijk der Nederlanden is het Nederlands ook een officiële taal van Aruba, Curaçao en Sint-Maarten. Het Nederlands is na Engels en Duits de meest gesproken Germaanse taal.
In de Europese Unie spreken ongeveer 25 miljoen mensen Nederlands als eerste taal, en een bijkomende acht miljoen als tweede taal. De Franse Westhoek en de regio rondom de Duitse stad Kleef zijn van oudsher Nederlandstalige gebieden, waar Nederlandse dialecten mogelijk nog gesproken worden door de oudste generaties. Ook in de voormalige kolonie Indonesië kunnen in sommige gebieden de oudste generaties nog Nederlands spreken. Het aantal sprekers van het Nederlands in de Verenigde Staten, Canada en Australië wordt geschat op ruim een half miljoen.
Het Afrikaans, een van de officiële talen van Zuid-Afrika, is een dochtertaal van het Nederlands en beide talen zijn onderling verstaanbaar.
