Wat is maken in het Nederlands?

Bijgewerkt: 18-07-2026 by Wikilanguages.net
☞ share facebook ☞ share twitter

Wat is maken in het Nederlands?. Online Nederlandstalig woordenboek. Wikilanguages.net is een gratis online woordenboek voor de Nederlandse taal. Dit is een professioneel en up-to-date woordenboek geschreven door ervaren woordenboekmakers.

Wat is maken in het Nederlands? - Nederlands woordenboek

maken pronunciation maken
maken - regelmatig werkwoorduitspraak: ma-ken1. weer in ordebrengen, zorgendat het heel wordt♢wil jij deze scheur maken?2. zorgen dat iemand iets wordt♢je maakt me erg blij met dit cadeau3. in elkaar zetten, laten ontstaan♢Tony maakt een kippenhok1. er het beste van maken [onder moei

maken - Nederlands woordenboek

maken

maken - regelmatig werkwoord
uitspraak: ma-ken

1. weer in ordebrengen, zorgendat het heel wordt
♢wil jij deze scheur maken?
2. zorgen dat iemand iets wordt
♢je maakt me erg blij met dit cadeau
3. in elkaar zetten, laten ontstaan
♢Tony maakt een kippenhok
1. er het beste van maken
[onder moeilijke omstandigheden toch goed proberen te doen]
2. grappen maken
[er ontstaat een grap]
3. fouten maken
[dingen fout doen]
4. er niet veel van maken
[het niet goed doen]
5. er geen gewoonte van maken
[het niet vaker zo doen]
6. in de maak zijn
[besteld om gemaakt te worden]
7. dat zal wel in de maak blijven
[daar komt nooit iets van]

Algemene uitdrukkingen:
1. hij maakt het niet lang meer
[hij leeft niet lang meer]
2. je hebt het ernaar gemaakt
[het is je eigen schuld]
3. zij gaat het maken
[ze zal veel succes hebben]
4. hij kan me niets maken
[kan me nergens de schuld van geven]
5. een begin maken
[beginnen]
6. we moeten haast maken
[opschieten]
7. ergens jacht op maken
[het proberen te krijgen of te pakken]
8. we gaan het openbaar maken
[aan iedereen vertellen]
9. het in orde maken
[zorgen dat het goed komt]
10. dat maakt geen verschil
[dat is hetzelfde]
11. er werk van maken
[goed je best erop doen]

Regelmatig werkwoord: ma-ken
ik maak
jij/u maakt
hij/zij maakt
wij/zij/jullie maken
ik/jij/u/hij/zij maakte
wij/zij/jullie maakten
hij heeft gemaakt
de/het/een gemaakte ....
makend, makende

Synoniemen
herstellen, repareren, verhelpen, verstellen, produceren, fabriceren, vervaardigen, voortbrengen

Tegenstellingen
vernietigen, verwoesten, vernielen, tenietdoen

ma, maag, maal, maaltijd, maan, maand, maandag, maar, maart, maat, maatregel, maatschappij, machine, machinist, macht, machtig, maf, mager, magneet, maillot, maken, makreel, malaria, maling, mama, man, manager, mand, mandarijn, manier, aan, aanbieden, aanbranden, aandacht, aandoen, aandrijven, aangeven, aangezien, aanhouden, aankijken, aankleden, aankomen, aankoop, aanleg, aanleiding, aannemen, aanpakken, aanpassen, aanraken, aanranden, aanrijding, aansnijden, aansteken, aantal, aantonen, aantrekken, aanvaarden, aanvallen, aanvankelijk, aanvoerder

Dutch

Woordenboeken

  • Nederlands Nederlands
  • Nederlands Woordenboek

    Het Nederlands is een West-Germaanse taal, de meest gebruikte taal in Nederland en België, de officiële taal van Suriname en een van de drie officiële talen van België. Binnen het Koninkrijk der Nederlanden is het Nederlands ook een officiële taal van Aruba, Curaçao en Sint-Maarten. Het Nederlands is na Engels en Duits de meest gesproken Germaanse taal.

    In de Europese Unie spreken ongeveer 25 miljoen mensen Nederlands als eerste taal, en een bijkomende acht miljoen als tweede taal. De Franse Westhoek en de regio rondom de Duitse stad Kleef zijn van oudsher Nederlandstalige gebieden, waar Nederlandse dialecten mogelijk nog gesproken worden door de oudste generaties. Ook in de voormalige kolonie Indonesië kunnen in sommige gebieden de oudste generaties nog Nederlands spreken. Het aantal sprekers van het Nederlands in de Verenigde Staten, Canada en Australië wordt geschat op ruim een half miljoen.

    Het Afrikaans, een van de officiële talen van Zuid-Afrika, is een dochtertaal van het Nederlands en beide talen zijn onderling verstaanbaar.

    Dutch